Cha-Cha De originele naam van deze dans, "Cha-Cha-Cha", is de  klanknabootsing van het geluid van slippers van dansende Cubaanse vrouwen. Later is de naam ingekort tot Cha-Cha. Volgens sommigen  heeft de dans zich ontwikkeld uit het driedubbele ritme van de  Mambo: vijf passen in vier tellen. De oorsprong van de Cha-Cha is  Cuba en Enrique Jorrin wordt gezien als de "uitvinder" van deze  dans. In de jaren vijftig werd de dans zeer populair in de danszalen van  Amerika. Kort nadat de Mambo werd geïntroduceerd begon dit ritme  aan populariteit te winnen. Een ritme dat uiteindelijk meer bekend  werd dan alle andere latin dansen. Pas in 1953 werd de Cha-Cha in  Europa geïntroduceerd. Al heel snel werd de dans een groot succes  bij alle dansliefhebbers. Deze dans heeft als doel een "kat-en-muis" spelletje tussen man en  vrouw uit te beelden, een vrolijke flirt, en is daarom een vooral zeer  speelse en ritmische dans. Hij wordt pittig, of zelfs een beetje  lichtzinnig en brutaal gedanst. De bijbehorende muziek creërt dan  ook een vrolijke, zorgeloze en brutale sfeer. Het is meestal de eerste latin dans die je leert. Rumba  Oorspronkelijk komt de rumba uit Afrika en is door de slaven als  deel van hun cultuurgoed overgewaaid naar Amerika. Het ritme was  snel, erotisch met sensuele bewegingen. De dans stond bekend als  de dans van "de haan en de hen". In Amerika ontkwam de rumba  niet aan Latijns-Amerikaanse invloeden en ontwikkelde hij zich als  een Cubaanse dans. De "Cuban Rumba" kent drie vormen, variërend  van traag naar zeer snel en virtuoos, waarbij er een  wedstrijdelement in de vorm van een acrobatische dans is. In de jaren 20 werd de rumba in Los Angelos populair gemaakt. Pas  in de jaren 30 kwam de rumba naar Europa, om rond 1954  "herontdekt" en verder ontwikkeld te worden door de Fransen. De  basis van de huidige stijl werd gelegd door het dansduo Pierre en  Lavelle in 1955. Ook het ritme veranderde naar een trager tempo  dan de oorspronkelijke.   De rumba heeft het predikaat 'dans van de liefde' gekregen en  beeldt vooral de liefdesperikelen tussen man en vrouw uit. Samba   Het ritme van de samba is ontstaan in Afrika. Oorspronkelijk was  het een vrolijke, lichtzinnige dans van de Bantu-negers. In de  koloniale periode zijn over een periode van 350 jaar miljoenen  slaven naar Brazilië verscheept, waar uiteindelijk de samba de  nationale dans is geworden. Eenmaal overgekomen in Zuid-Amerika  werden vele verschillende versies van de Samba - van Baion tot  Marcha - gedanst tijdens het carnaval in Rio de Janeiro of op  plaatselijke feesten. In 1917 breekt de samba als muziekstijl door. In 1930 verhief  president Gétulio Vargas de samba carioca (= samba van Rio de  Janeiro) tot nationaal symbool. Met name de wereldtentoonstelling  in New York zorgde in 1939 voor de grootste verspreiding van de  samba. Tegen het einde van de Tweede Wereldoorlog werd de  samba ook in Europa populair. Tegenwoordig is de samba één van  de uitbundigste dansen van de Latijns-Amerikaanse sector. Paso Doble   Het is de enige Latijns-Amerikaanse dans die uit Europa (Ronda,  Andalusië (Spanje)) komt. De passen van de paso doble zijn deels  afgeleid van de Flamenco, maar volgens de techniek is het verkeerd  om te veel flamenco-stijl in deze dans te brengen. De paso doble is  de enige Latin dans waarin de man de hoofdrol speelt en blikvanger  is. Oorspronkelijk was de paso doble een ballroom dans, maar is  later een Latijns-Amerikaanse dans geworden. In vroeger jaren  heette de Paso Doble 'Paso Double', hetgeen letterlijk betekent:  dubbele pas. Zo'n 'dubbele pas', komt regelmatig voor in de  danspassen en is een teken van het temperamentvolle karakter van  de dans. Jive   De dans stamt af van de Jitterbug, die in de jaren 30 in Amerika erg  populair was. Deze dans werd gedanst op Swing-muziek en was een  erg vrije dans, waarin net als in de muziek, veel geïmproviseerd kon  worden. De dans wordt krachtig gedanst en er wordt door het  swingende karakter tot de Latijns-Amerikaanse dansen gerekend.  Kenmerkend aan de Jitterbug is ook de “rock-turn”, een balanceer-    stapje achterwaarts en terug. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de Amerikaanse Jazz-stijl  taboe in Europa en zo ook het Swing-dansen. Amerikaanse soldaten  brachten met de bevrijding echter ook weer de Jitterbug mee naar  Europa, die vaak “Be-Bop” genoemd werd, naar de muziekstijl. Een  andere variant van Swing - de Boogie Woogie - ontwikkelde zich  ondertussen en kwam na de oorlog ook mee naar Europa. Jive werd  de algemene term voor de Lindy Hop, Jitterbug en Be-Bop (ontstaan  uit de jazz). De muziek was swing, mar niet langer glad en gepolijst, maar met veel variaties. Met de muziek werd veel geëxperimenteerd  met als gevolg het ontstaan van de Rock'n Roll.   Eind jaren 50 bereikte de Jive zijn huidige stijl. Klik op de naam van de dans voor een kleine (wedstrijd) demo.